Nvidia jaagt op kwartalen van $100 miljard, maar financiert steeds vaker zelf de AI-boom

Nieuws
dinsdag, 25 augustus 2026 om 22:45
Nvidia jaagt op kwartalen van $100 miljard, maar financiert steeds vaker zelf de AI-boom
Nvidia is een van de belangrijkste AI-bedrijven in de wereld. Het bedrijf staat op het punt om grenzen opnieuw te verbreken. De vraag is echter: gaat dat ze lukken?
Nvidia staat voor een veel grotere test dan opnieuw spectaculaire kwartaalgroei laten zien. De markt verwacht ongeveer $92,2 miljard omzet, bijna twee keer zoveel als een jaar geleden, terwijl het bedrijf midden in de overgang van Blackwell naar Vera Rubin zit en tegelijkertijd miljarden inzet om de infrastructuur achter zijn eigen AI-chips financierbaar te maken.
Daarmee verandert ook de vraag die boven Nvidia hangt. Het gaat niet langer alleen om hoeveel GPU's het bedrijf kan verkopen. Beleggers moeten beoordelen of de enorme vraag naar AI-infrastructuur zelfstandig sterk genoeg blijft nu Nvidia tegelijk leverancier, investeerder, afnemer, infrastructuurpartner en in sommige gevallen garantsteller wordt binnen hetzelfde ecosysteem.
Die discussie wordt extra belangrijk omdat Nvidia op weg lijkt naar zijn eerste kwartaal met meer dan $100 miljard omzet. De markt verwacht dat die grens mogelijk al in het derde kwartaal van boekjaar 2027 wordt gepasseerd.

Nvidia nadert voor het eerst $100 miljard omzet per kwartaal

Nvidia rapporteerde over het eerste kwartaal van boekjaar 2026 een omzet van $81,6 miljard, 85 procent meer dan een jaar eerder. De datacenteractiviteiten groeiden volgens de officiële kwartaalcijfers van Nvidia met 92 procent naar $75,2 miljard.
Voor het tweede kwartaal gaf Nvidia zelf een omzetverwachting van $91 miljard, met een marge van 2 procent naar boven of beneden. Daarmee ligt de officiële bandbreedte tussen ongeveer $89,2 miljard en $92,8 miljard.
De markt rekent volgens de door Reuters aangehaalde LSEG-consensus op ongeveer $92,18 miljard. Dat zou neerkomen op een jaar-op-jaargroei van ongeveer 97 procent.
Dat klinkt uitzonderlijk sterk, maar de lat ligt inmiddels hoger dan de officiële consensus doet vermoeden.
Sommige grote banken rekenen volgens Business Insider inmiddels op ongeveer $94 miljard tot $95 miljard omzet. Jefferies verwacht voor het daaropvolgende kwartaal ongeveer $108 miljard en UBS acht zelfs meer dan $110 miljard mogelijk.
Een omzetcijfer van ongeveer $92 miljard kan daardoor tegelijkertijd een consensusbeat én een teleurstelling zijn. Het resultaat zou namelijk nog gewoon binnen Nvidia's eigen guidance vallen.
De echte test ligt daarom waarschijnlijk bij de verwachting voor het volgende kwartaal.
De huidige LSEG-consensus ligt daar rond $104,2 miljard. Als Nvidia een outlook afgeeft richting $108 miljard tot $110 miljard, zou dat erop wijzen dat de overgang naar Rubin boven op de bestaande Blackwell-vraag komt. Een verwachting onder $100 miljard zou juist onmiddellijk vragen oproepen over de snelheid waarmee de groei afzwakt.

Datacenters zijn inmiddels vrijwel het hele Nvidia-verhaal

De omvang van Nvidia's afhankelijkheid van AI-infrastructuur wordt steeds duidelijker. Visible Alpha verwacht ongeveer $85,7 miljard aan datacenteromzet in het tweede kwartaal. Dat zou neerkomen op ongeveer 93 procent van de totale verwachte omzet.
De groei komt bovendien niet alleen meer uit GPU's.
Nvidia meldde over het vorige kwartaal:
  • $60,4 miljard omzet uit datacentercompute, een stijging van 77 procent;
  • $14,8 miljard omzet uit datacenternetwerken, een stijging van 199 procent;
  • ongeveer de helft van de datacenteromzet afkomstig van hyperscalers;
  • de andere helft afkomstig van AI-cloudbedrijven, ondernemingen, industrie en overheidsprojecten.
Vooral de explosieve groei van netwerken is strategisch belangrijk.
Nvidia verkoopt inmiddels niet simpelweg een accelerator. Het bedrijf levert racks, NVLink-interconnects, InfiniBand, Spectrum-X Ethernet, systeemsoftware, opslagtechnologie en complete ontwerpen voor AI-datacenters.
Hoe meer onderdelen van een AI-cluster op Nvidia-technologie draaien, hoe moeilijker het voor klanten wordt om alleen de GPU te vervangen.

Drie directe klanten zijn samen goed voor 54 procent van de omzet

Achter de recordgroei zit tegelijkertijd een opvallende concentratie.
Uit Nvidia's CFO-commentaar bij het eerste kwartaal blijkt dat drie directe klanten afzonderlijk 21, 17 en 16 procent van de totale omzet vertegenwoordigden.
Samen waren drie klanten dus goed voor 54 procent van Nvidia's omzet.
Daar komt nog een tweede concentratierisico bij. Nvidia schrijft dat één niet bij naam genoemd AI-onderzoeks- en implementatiebedrijf via cloudproviders een "betekenisvol" deel van de indirecte vraag veroorzaakte.
Het bedrijf wordt niet geïdentificeerd. Het is daarom niet verantwoord om zonder aanvullend bewijs te stellen dat het hier om OpenAI gaat.
De cijfers laten wel zien waarom alleen kijken naar het aantal bedrijven waaraan Nvidia factureert onvoldoende is. Een serverfabrikant, cloudprovider of distributeur kan de directe koper zijn, terwijl de economische eindvraag uiteindelijk afkomstig is van een veel kleinere groep hyperscalers en frontier-AI-bedrijven.

China zit niet eens in Nvidia's huidige omzetverwachting

Een opvallend detail in de guidance is dat Nvidia geen datacentercompute-omzet uit China heeft meegenomen.
In het vorige kwartaal verscheepte Nvidia helemaal geen Hopper-datacenterproducten naar China, tegenover $4,6 miljard een jaar eerder.
De verwachte omzetgroei richting $92 miljard moet dus zonder herstel van die markt worden gerealiseerd.
Dat maakt China op korte termijn eerder een potentiële meevaller dan een noodzakelijke pijler onder de bestaande omzetverwachting. Een versoepeling van exportbeperkingen kan extra omzet opleveren, terwijl het basisscenario er niet afhankelijk van is.

Vera Rubin is veel groter dan een nieuwe GPU

De tweede grote vraag van woensdag draait om Rubin.
Het is misleidend om Vera Rubin alleen als opvolger van Blackwell te beschrijven. Nvidia probeert er een compleet AI-datacenterplatform van te maken.
Volgens Nvidia's technische beschrijving van de Rubin-architectuur bestaat het platform onder meer uit Rubin-GPU's, Vera-CPU's, NVLink 6, BlueField-4-infrastructuurprocessors, Spectrum-X Ethernet met co-packaged optics en gespecialiseerde infrastructuur voor inference.
Nvidia combineert die onderdelen in verschillende racks die gezamenlijk als één grote AI-supercomputer moeten functioneren.
Het bedrijf zegt dat de productie wordt opgeschaald via meer dan 350 fabrieken in dertig landen, waaronder ongeveer 150 productiepartners in Taiwan. Productieleveringen moeten in het najaar van 2026 beginnen.
Dat maakt de komende kwartaalcall belangrijk. Beleggers zullen scherp moeten luisteren naar het verschil tussen systemen die "in productie" zijn, systemen die daadwerkelijk bij klanten zijn geleverd en systemen waarvan de omzet al kan worden verantwoord.

Rubin belooft enorme prestaties, maar Nvidia levert zelf de benchmarks

Nvidia noemt voor één Rubin-GPU 336 miljard transistors, 22 TB per seconde aan HBM4-geheugenbandbreedte en 3,6 TB per seconde NVLink-bandbreedte.
Ten opzichte van Blackwell claimt het bedrijf tot vijf keer hogere inferenceprestaties, 3,5 keer hogere trainingsprestaties en 2,8 keer meer geheugenbandbreedte.
Op platformniveau spreekt Nvidia zelfs over tien keer hogere throughput voor agentic AI.
Ook de claim over de kosten is spectaculair. Nvidia zegt dat Vera Rubin NVL72 bij bepaalde lang-contextuele en reasoning-zware inferentietaken tot tien keer lagere kosten per token kan bereiken dan Blackwell NVL72.
Daar is een belangrijke nuance bij nodig.
Het gaat om benchmarks van Nvidia zelf en om specifieke workloads, waaronder een Kimi K2-Thinking-test met 32.000 inputtokens en 8.000 outputtokens onder bepaalde latency-eisen.
"Tien keer goedkoper" betekent dus niet dat iedere AI-toepassing op Rubin automatisch tien keer goedkoper wordt. Het is een leveranciersbenchmark onder specifieke technische omstandigheden.

De overgang naar Rubin kan Blackwell tijdelijk raken

Een nieuwe Nvidia-generatie creëert bovendien een klassiek probleem.
Klanten die weten dat veel snellere hardware onderweg is, kunnen besluiten bestaande bestellingen uit te stellen. Nvidia waarschuwt zelf in zijn kwartaalrapport bij de SEC dat nieuwe architecturen onder meer kunnen leiden tot productievertragingen, lagere yields, hogere materiaalkosten en extra voorraadvoorzieningen.
Bij Rubin komt daar een uitzonderlijk complexe supplychain bij.
Een volledig systeem vereist niet alleen werkende GPU's, maar ook:
  • HBM4-geheugen;
  • geavanceerde chipverpakking;
  • voldoende productierendement;
  • vloeistofkoeling;
  • zware stroomvoorzieningen;
  • optische netwerken;
  • beschikbare datacenterhallen;
  • netaansluitingen;
  • installatie en validatie bij de klant.
Een vertraging in één onderdeel kan daardoor de omzet van het volledige systeem verschuiven.
Reuters meldde daarnaast dat sommige Nvidia-klanten volgens Bloomberg zijn gewaarschuwd voor prijsstijgingen van meer dan 15 procent voor systemen die begin 2027 worden geleverd, waaronder Rubin- en Blackwell-systemen.
Reuters kon die informatie niet onafhankelijk bevestigen en Nvidia gaf niet direct commentaar.
Hogere prijzen kunnen Nvidia helpen zijn brutomarge te beschermen, maar verhogen tegelijkertijd de investering die klanten moeten terugverdienen.

Nvidia probeert meer dan $500 miljard aan extern kapitaal richting AI-infrastructuur te krijgen

Hier begint het financiële deel van het Nvidia-verhaal.
Nvidia kondigde in augustus samenwerkingen aan met Apollo, BlackRock, Blackstone, Brookfield, Goldman Sachs en KKR voor financieringsplatforms die uiteindelijk meer dan $500 miljard aan kapitaal van derden moeten mobiliseren.
Dat bedrag wordt gemakkelijk verkeerd geïnterpreteerd.
Nvidia investeert niet zelf $500 miljard. Er bestaat ook geen reeds gevuld fonds van die omvang en het bedrag vertegenwoordigt geen gegarandeerde toekomstige Nvidia-omzet.
Het gaat om verschillende beoogde financieringsplatforms waarmee in de loop van de tijd gezamenlijk meer dan $500 miljard aan extern kapitaal kan worden aangetrokken voor AI-infrastructuur.
Op het moment van aankondiging waren de samenwerkingen bovendien nog afhankelijk van definitieve overeenkomsten.
Belangrijke voorwaarden zijn nog niet openbaar. Zo is niet duidelijk hoeveel iedere financiële instelling daadwerkelijk zal toezeggen, tegen welke rente, welk onderpand wordt gebruikt, welke klanten toegang krijgen en hoeveel kredietrisico uiteindelijk bij Nvidia blijft liggen.

Nvidia kan een deel van de restwaarde ondersteunen

De opvallendste component is dat Nvidia per project een mechanisme kan aanbieden waarmee maximaal 25 procent van de restwaarde wordt ondersteund.
Theoretisch zou 25 procent van $500 miljard neerkomen op $125 miljard.
Dat betekent nadrukkelijk niet dat Nvidia al voor $125 miljard garanties heeft afgegeven. Het percentage is een mogelijke bovengrens die per project moet worden beoordeeld.
De constructie laat wel zien wat Nvidia probeert te bereiken.
CEO Jensen Huang wil van AI-compute een financierbare infrastructuurcategorie maken. Nvidia stelt dat GPU-systemen voor meerdere klanten en modellen kunnen worden ingezet, via CUDA kunnen worden geoptimaliseerd en eventueel naar een andere operator kunnen worden verplaatst.
Daardoor zouden financiers AI-compute meer kunnen behandelen als een asset die gedurende meerdere jaren kasstromen genereert.

Juist de restwaarde van AI-chips is onzeker

Het zwakke punt in die redenering is de snelheid waarmee Nvidia zijn eigen hardware verouderd maakt.
Een elektriciteitsaansluiting, glasvezelverbinding of datacentergebouw kan tientallen jaren economisch bruikbaar blijven. AI-accelerators hebben een veel kortere technologische cyclus.
Rubin illustreert dat probleem perfect.
Als Nvidia gelijk krijgt dat Rubin bij bepaalde workloads tot tien keer lagere kosten per token biedt dan Blackwell, wordt tegelijkertijd de vraag relevanter hoeveel een Blackwell-systeem enkele jaren later nog waard is.
De financieringsmarkt moet dus iets prijzen waarvoor nauwelijks historische gegevens bestaan: de restwaarde van extreem dure AI-compute in een markt waarin iedere nieuwe generatie aanzienlijk sneller en efficiënter kan zijn.

De OpenAI-deal in Ohio maakt het financiële risico concreet

De financieringsplatforms van $500 miljard bestaan voor een belangrijk deel uit intenties en toekomstige constructies. De overeenkomst rond OpenAI en SB Energy in Ohio is veel concreter.
Nvidia sloot op 17 augustus 2026 verschillende overeenkomsten met SB Energy voor het PORTS Technology Campus-project in Pike County.
Volgens Nvidia's 8-K bij de Amerikaanse beurswaakhond SEC ondersteunt de eerste toezegging ongeveer 4,25 gigawatt aan IT-belasting.
Nvidia heeft daarnaast de mogelijkheid om nog ongeveer 3,8 gigawatt extra te ondersteunen.
De gezamenlijke maximale betalingsverplichting onder de eerste toezegging bedraagt maar liefst $105 miljard.
Reuters meldde daarnaast dat Nvidia ongeveer $1,5 miljard in SB Energy investeert.
De eerste 800 megawatt moet vanaf 2028 beschikbaar komen. Het volledige terrein kan uiteindelijk richting acht gigawatt groeien.
OpenAI wordt de huurder.

Nvidia hoeft niet zomaar $105 miljard aan OpenAI te betalen

De omvang van de garantie vraagt om precisie.
Nvidia verstrekt OpenAI geen lening van $105 miljard en het bedrag is niet onmiddellijk verschuldigd.
De garanties worden per afzonderlijke lease actief wanneer capaciteit gebruiksklaar wordt opgeleverd. De leases kunnen vervolgens tot twintig jaar lopen.
Een betaling door Nvidia wordt in essentie relevant wanneer OpenAI insolvent raakt en daardoor niet meer aan zijn leaseverplichtingen kan voldoen, of wanneer het bedrijf om een andere reden de vereiste betalingen stopt.
Nvidia moet dan in beginsel het verschil afdekken tussen een contractueel gegarandeerde minimumwaarde en wat SB Energy nog kan terughalen via bijvoorbeeld een nieuwe huurder of verkoop van het project.
Nvidia krijgt daarbij verschillende mogelijkheden. Het bedrijf kan onder voorwaarden de lease overnemen, een andere huurder zoeken of verkoop van het project initiëren.
OpenAI heeft bovendien toegezegd Nvidia te vergoeden voor bedragen die Nvidia uiteindelijk onder de garantie moet betalen.
Dat verlaagt juridisch het risico voor Nvidia, maar neemt het kredietrisico niet volledig weg. Het scenario waarin OpenAI insolvent genoeg is om de oorspronkelijke garantie te activeren, kan immers tegelijkertijd betekenen dat terugbetaling aan Nvidia moeilijker wordt.
Dat laatste is een economische risicoanalyse, geen door Nvidia opgegeven verwachte schade.

De garantie legt tegelijkertijd toekomstige Nvidia-vraag vast

De constructie is extra relevant omdat OpenAI op de gegarandeerde 4,25 gigawatt Nvidia's volledige DSX-platform gaat gebruiken, afgezien van beperkte uitzonderingen.
Nvidia neemt dus financieel risico op een datacenterproject dat tegelijkertijd toekomstige vraag naar Nvidia-hardware vastlegt.
De SEC plaatst de overeenkomst onder de categorie voor een directe financiële verplichting of een off-balance-sheet arrangement.
Daarmee gaat Nvidia duidelijk verder dan een traditionele chipleverancier.
Het bedrijf helpt kapitaal beschikbaar te maken, investeert in infrastructuurpartners, ondersteunt de restwaarde en borgt in sommige gevallen een deel van de toekomstige leaseverplichtingen, terwijl die infrastructuur vervolgens met Nvidia-systemen wordt gevuld.

$105 miljard is meer dan twee keer Nvidia's liquide financiële buffer

De nominale omvang is opvallend wanneer die naast Nvidia's balans wordt gelegd.
Per 26 april rapporteerde Nvidia ongeveer $50,3 miljard aan cash, kasequivalenten en verhandelbare schuldpapieren.
De maximale Ohio-garantie van $105 miljard is daarmee meer dan twee keer zo groot.
Die vergelijking betekent niet dat Nvidia morgen $105 miljard beschikbaar moet hebben. De verplichtingen ontstaan gefaseerd, zijn voorwaardelijk en eventuele teruggewonnen waarde uit herverhuur of verkoop verlaagt de uiteindelijke betaling.
De vergelijking maakt vooral zichtbaar hoe groot de financiële rol is geworden die Nvidia bereid is te spelen om AI-infrastructuur mogelijk te maken.

CoreWeave laat zien hoe verweven Nvidia met zijn klanten kan raken

CoreWeave is het duidelijkste bestaande voorbeeld van die strategie.
Nvidia is bij CoreWeave tegelijkertijd hardwareleverancier, aandeelhouder, strategisch partner en potentiële afnemer van ongebruikte cloudcapaciteit.
In september 2025 sloten Nvidia en CoreWeave een overeenkomst met een aanvankelijke waarde van $6,3 miljard. Volgens het SEC-document over de overeenkomst moet Nvidia onder bepaalde voorwaarden resterende datacentercapaciteit afnemen wanneer CoreWeave die niet volledig aan andere klanten verkoopt.
De overeenkomst loopt tot april 2032.
In januari 2026 investeerde Nvidia vervolgens nog eens $2 miljard in CoreWeave, tegen $87,20 per aandeel. Het strategische voordeel is duidelijk. Iedere nieuwe gigawatt die CoreWeave kan financieren en vullen, creëert potentiële vraag naar Nvidia-systemen.
Maar dezelfde constructie maakt de economische relatie ingewikkelder. Een deel van Nvidia's ecosysteem bestaat uit bedrijven die Nvidia-hardware kopen, terwijl Nvidia tegelijkertijd kapitaal verstrekt, aandelen bezit of capaciteit garandeert.
Dat maakt de omzet niet automatisch kunstmatig. Het betekent wel dat beleggers steeds scherper moeten onderscheiden waar de onafhankelijke eindvraag eindigt en waar Nvidia zelf helpt om de financiële voorwaarden voor die vraag te creëren.

CoreWeave bewijst tegelijk dat de vraag daadwerkelijk enorm is

Die nuance is belangrijk, omdat de financiële verwevenheid niet betekent dat er geen echte vraag bestaat.
CoreWeave rapporteerde over het tweede kwartaal van 2026 een omzet van ongeveer $2,58 miljard. De omzetbacklog kwam uit rond $104 miljard. Dat is gecontracteerde toekomstige omzet die nog moet worden gerealiseerd en dus niet hetzelfde als direct beschikbare inkomsten.
De schaal van die contracten laat wel zien hoeveel toekomstige AI-capaciteit klanten proberen vast te leggen.
Het probleem verschuift daardoor. De markt hoeft niet alleen meer te vragen of bedrijven GPU's willen. De belangrijkere vragen worden of datacenters op tijd gebouwd kunnen worden, of elektriciteit beschikbaar is en of de enorme investeringen uiteindelijk voldoende rendement opleveren.
Juist op die punten wordt Nvidia steeds actiever.

De AI-boom verandert daardoor ook in een financieringsvraagstuk

De volgende fase van de AI-infrastructuurcyclus vereist veel meer dan chips.
Een datacenter met tientallen of honderden megawatts aan AI-compute vraagt om grond, transformatoren, hoogspanningsverbindingen, koeling, glasvezel, noodstroom, gebouwen, gespecialiseerde servers en miljarden dollars aan hardware. Voor projecten van meerdere gigawatts loopt dat bedrag verder op.
Daarmee ontstaat een fundamenteel verschil met de eerste fase van de generatieve AI-boom. Toen konden cloudbedrijven relatief snel meer GPU's bestellen binnen bestaande datacenters. De nieuwe generatie AI-fabrieken vereist complete infrastructuurprojecten met bouwtijden en financieringsconstructies die steeds meer lijken op energie- en infrastructuurprojecten.
Nvidia probeert precies die beperking weg te nemen.
Als kapitaal een bottleneck wordt, helpt Nvidia financiering organiseren. Als financiers twijfelen aan de restwaarde van GPU's, kan Nvidia een deel van die waarde ondersteunen. Als een belangrijk datacenterproject afhankelijk is van een grote huurder, kan Nvidia onder voorwaarden een deel van het lease-risico dragen.
Dat kan rationeel zijn zolang de onderliggende vraag naar AI-compute sterk genoeg blijft. Maar het verandert ook de aard van Nvidia's succes. Het bedrijf profiteert niet langer alleen van de AI-boom, maar helpt steeds nadrukkelijker de financiële voorwaarden te creëren waaronder die boom kan doorgaan.
Daarom is deze woensdag niet alleen een test van Nvidia's omzetgroei. Het wordt steeds meer een test van de vraag of de AI-boom zichzelf kan blijven financieren.
loading

Populair nieuws

Loading