China heeft voor het eerst toestemming gegeven voor de import van
Nvidia’s geavanceerde H200-AI-chips, een belangrijke ontwikkeling in de wereldwijde chipmarkt en de technologische relatie tussen
China en de Verenigde Staten. De goedkeuring geldt voor een eerste partij van honderdduizenden chips die vooral bedoeld zijn voor grote Chinese technologiebedrijven, aldus bronnen tegen Reuters. Deze stap komt op een moment dat China enerzijds zijn binnenlandse chipindustrie wil versterken en anderzijds de enorme vraag naar krachtige AI-hardware wil bedienen, aldus berichtgeving van
Reuters op 28 januari.
Wat is de H200-chip precies?
De H200 is een van de krachtigste AI-chips van
Nvidia, ontworpen voor zeer zware rekenwerkzaamheden zoals het trainen van grote taalmodellen, het verwerken van enorme datasets en het draaien van complexe AI-toepassingen in datacenters. Het is een opvolger van eerdere generaties chips die al veel werden gebruikt voor kunstmatige intelligentie, maar het prestatieniveau van de H200 ligt aanzienlijk hoger. Tegelijkertijd zijn er ook beperkingen vanuit de Verenigde Staten voor de export van de allerhoogste tier hardware naar
China, waardoor de hersenkraker tussen de twee landen over technologische voorsprong en nationale veiligheid al lange tijd speelt.
De goedkeuring voor invoer in
China markeert een verschuiving in die dynamiek. Tot voor kort hielden de Chinese autoriteiten de import van H200-chips tegen, deels om het eigen ecosysteem van chipmakers te beschermen en te stimuleren. Ondanks die ambitie blijft de vraag naar hoogwaardige AI-hardware groot bij de grootste Chinese technologiebedrijven, die enorme investeringen doen in data-centers en kunstmatige intelligentie.
Grote bedrijven en prioritering
Volgens de bronnen is de eerste lading van H200-chips grotendeels toegewezen aan drie grote Chinese internetbedrijven, hoewel de betrokken bronnen niet wilden zeggen welke bedrijven precies. In de praktijk betekent dit dat de chips terechtkomen waar ze het snelst gebruikt kunnen worden voor ontwikkeling en inzet van AI-diensten, applicaties en infrastructuur binnen
China’s tech-ecosysteem. Andere bedrijven staan in een rij voor de volgende goedkeuringen, wat aangeeft dat deze eerste stap waarschijnlijk gevolgd zal worden door meer toegekende importdeals zodra de officiële procedures verder worden afgerond. (turn0search3)
Deze ontwikkeling vond plaats tijdens een bezoek van
Nvidia’s CEO Jensen Huang aan
China, een teken dat de timing niet toevallig is maar onderdeel van een bredere dialoog tussen Nvidia en Chinese partners. De persafdelingen van Nvidia en de Chinese ministeries die bij de beslissing betrokken zijn, reageerden niet onmiddellijk op verzoeken om commentaar op het moment van het nieuws. (turn0search3)
Import vs binnenlandse productie
China’s beleid rond halfgeleiders is al jaren gericht op technologische zelfvoorziening. Het land investeert zwaar in lokale chipmakers en stimuleert productie van eigen processors om minder afhankelijk te zijn van buitenlandse technologie. Tegelijkertijd is de ontwikkeling van sterke binnenlandse AI-chips nog niet op hetzelfde niveau als die van internationale leiders als
Nvidia, vooral voor de zwaarste en meest geavanceerde toepassingen.
Deze stap volgt op eerdere bewegingen vanuit de Verenigde Staten, waar de regering beperkingen heeft losgelaten op het exporteren van H200-chips onder strikte voorwaarden. Dat was nodig omdat de VS technologieoverdracht wil reguleren en tegelijkertijd multinationals in staat wil stellen om zaken te blijven doen in belangrijke markten zoals
China.