In februari 2026 heeft het Duitse Amtsgericht München geoordeeld dat er geen automatisch auteursrecht op AI-logo’s rust wanneer een mens slechts prompts invoert in een AI-tool. De uitspraak raakt direct ondernemers, marketeers en creatieve bureaus die generatieve kunstmatige intelligentie gebruiken voor branding. Het vonnis kan bovendien gevolgen hebben voor de Nederlandse praktijk, omdat het auteursrecht binnen de Europese Unie grotendeels is geharmoniseerd.
Rechter: AI-output mist menselijke creativiteit
De
zaak draaide om een ondernemer die via een AI-beeldgenerator meerdere logo’s had laten maken. Toen een derde partij een vergelijkbaar logo gebruikte, beriep de maker zich op auteursrechtelijke bescherming.
De rechter wees die claim af.
Volgens de rechtbank ontstaat auteursrecht alleen wanneer sprake is van een “eigen intellectuele schepping”. Dat betekent dat het werk een duidelijke uitdrukking moet zijn van menselijke creatieve keuzes. Het invoeren van tekstprompts, hoe uitgebreid ook, kwalificeert volgens de rechter niet automatisch als voldoende creatieve bijdrage.
Belangrijke overwegingen uit het vonnis:
- De AI genereert zelfstandig het visuele resultaat.
- De gebruiker bepaalt niet rechtstreeks de concrete vormgeving.
- Tijd, moeite of technische vaardigheid zijn geen criteria voor auteursrecht.
- Alleen substantiële menselijke creatieve inbreng kan bescherming opleveren.
De rechter liet ruimte voor uitzonderingen. Wanneer een ontwerper het AI-resultaat ingrijpend bewerkt of sterk stuurt met concrete vormgevende beslissingen, kan mogelijk wel auteursrecht ontstaan. De lat ligt echter hoog.
Waarom dit juridisch precedent belangrijk is
Deze uitspraak is meer dan een lokale Duitse beslissing. Het auteursrecht binnen de Europese Unie is gebaseerd op een geharmoniseerde standaard voor originaliteit. Nationale rechters hanteren daarom vergelijkbare criteria.
Dat betekent dat Nederlandse rechters waarschijnlijk dezelfde redenering zullen volgen.
Voor Nederland is dit relevant omdat:
- Steeds meer mkb-bedrijven AI gebruiken voor logo-ontwerp.
- Marketingbureaus generatieve AI inzetten om kosten te verlagen.
- Start-ups hun visuele identiteit via AI-tools ontwikkelen.
Zonder auteursrechtelijke bescherming kan een concurrent een vrijwel identiek AI-logo gebruiken zonder juridische consequenties. Dat vergroot het risico op merkinbreuk, reputatieschade en verwarring in de markt.
Directe impact voor ondernemers en marketeers
Voor ondernemers en creatieve professionals verandert deze uitspraak de spelregels.
Veel bedrijven gaan ervan uit dat een AI-gegenereerd logo automatisch beschermd is. Dat blijkt dus onjuist.
Concreet betekent dit:
- Een AI-logo zonder substantiële menselijke bewerking is juridisch zwak.
- Handhaving via auteursrecht wordt lastig.
- Alleen registratie als merk biedt aanvullende bescherming.
- Contractuele afspraken met ontwerpers worden belangrijker.
Voor bureaus ontstaat bovendien een aansprakelijkheidsvraag. Als een bureau een AI-logo levert dat juridisch niet beschermbaar blijkt, kan dat leiden tot discussies met opdrachtgevers.
Wat betekent dit voor Nederland?
Nederland kent dezelfde Europese auteursrechtelijke basis. De kernvraag blijft steeds: is het werk een eigen intellectuele schepping van een mens?
In de praktijk zal een Nederlandse rechter waarschijnlijk kijken naar:
- De mate van creatieve controle.
- De concrete vormgevende keuzes van de maker.
- De rol van de AI-tool in het ontwerpproces.
Als de AI het merendeel van de creatieve beslissingen neemt, ontbreekt mogelijk de menselijke stempel die nodig is voor bescherming.
Voor het Nederlandse innovatieklimaat is dit een belangrijk signaal. Het gebruik van AI versnelt creatieprocessen, maar juridisch eigendom blijft gekoppeld aan menselijke creativiteit.
Strategische keuzes voor bedrijven
Bedrijven doen er verstandig aan hun AI-strategie aan te passen.
Enkele aanbevelingen:
- Combineer AI met menselijke nabewerking.
- Documenteer creatieve beslissingen.
- Registreer logo’s actief als merk.
- Neem duidelijke clausules op in ontwerpovereenkomsten.
- Laat juridisch toetsen of bescherming mogelijk is.
AI biedt snelheid en schaalbaarheid, maar juridisch eigendom vraagt nog steeds om menselijke creativiteit.
Breder debat over AI en intellectueel eigendom
De uitspraak past in een bredere Europese discussie over AI en intellectueel eigendom. De Europese wetgever werkt aan kaders rond transparantie, aansprakelijkheid en auteursrecht in het tijdperk van generatieve systemen.
De kernvraag blijft: wie is de maker wanneer een algoritme creëert?
Voor nu geeft de Duitse rechter een helder signaal. Zonder duidelijke menselijke creatieve bijdrage ontstaat er geen auteursrecht op AI-logo’s.
Voor Nederlandse ondernemers en creators betekent dit één ding: AI versnelt creatie, maar vervangt het juridische fundament niet.