Vijftien vrouwelijke Tweede Kamerleden van verschillende politieke partijen trekken gezamenlijk op tegen seksuele
deepfakes. Ze willen betere hulp voor slachtoffers, stevige handhaving en meer voorlichting. De oproep gaat nadrukkelijk niet alleen over politici: ook vrouwen zonder publieke bekendheid moeten zich beter tegen dit online misbruik kunnen beschermen.
Het initiatief krijgt inmiddels landelijk aandacht. Onder de betrokken Kamerleden zijn Suzanne Kröger (PRO), Sandra Beckerman (SP), Queeny Rajkowski (VVD) en Femke Wiersma (BBB). Zij spraken die avond bij
Pauw & De Wit over de gevolgen van pornografische deepfakes en de gewenste aanpak.
Volgens het ANP wordt het initiatief gesteund door D66, PRO, VVD, CDA, JA21, BBB, Partij voor de Dieren, SP en Volt. Daarmee bestaat er brede politieke steun voor een betere bescherming van slachtoffers.
Eén meldpunt, strenge handhaving en een landelijke campagne
De Kamerleden willen op drie fronten ingrijpen.
Een laagdrempelig meldpunt voor slachtoffers. Er moet een herkenbare plek komen waar slachtoffers terechtkunnen voor ondersteuning. Die hulp moet bestaan uit het laten verwijderen van beelden, begeleiding bij het doen van aangifte en nazorg. Volgens de initiatiefnemers is rechtstreeks naar de politie stappen voor sommige slachtoffers een te hoge drempel.
Een van de huidige meldpunten kun je
hier vinden.
Stevige handhaving van het ‘uitkleedverbod’. De politici willen dat het naderende verbod op AI-systemen die mensen zonder toestemming seksueel afbeelden daadwerkelijk wordt gehandhaafd. Hun oproep is om vanaf het begin hard op te treden tegen zulke toepassingen, in plaats van het bij een verbod op papier te laten.
Snelle verwijdering en meer bewustwording. Misbruikbeelden moeten snel offline worden gehaald. Daarnaast pleiten de Kamerleden voor een landelijke campagne die duidelijk maakt hoe schadelijk seksuele deepfakes zijn. Voorlichting aan jongeren moet helpen voorkomen dat het maken of delen ervan wordt genormaliseerd.
Europees onderzoek laat grote verschillen tussen vrouwen en mannen zien
De oproep volgt op onderzoek van Agora Digitale Transformation naar seksuele deepfakes van nationale parlementariërs in de Europese Unie. Onderzoeker Benjamin Shultz
onderzocht de namen van 5.872 parlementariërs uit 27 EU-landen op 160 websites. Daarbij werden 138 vrouwen en negen mannen aangetroffen in, of in verband gebracht met, het onderzochte materiaal.
Bij die uitkomsten hoort een belangrijke kanttekening. Het onderzoek telde niet uitsluitend daadwerkelijk aangetroffen seksuele nepbeelden. Ook naamvermeldingen, zoekresultaten en pagina’s die persoonsgegevens combineren met verwijzingen naar AI-generatietools konden meetellen. De aantallen zijn dus geen telling van uitsluitend bevestigde deepfakevideo’s.
Ook de veelgenoemde factor 33 vraagt om precisie. Die komt uit een statistisch model dat onder meer rekening houdt met leeftijd en politieke zichtbaarheid. Het betreft een zogeheten oddsverhouding, niet simpelweg een 33 keer zo grote kans of 33 keer zoveel aangetroffen video’s. Het onderzoek laat wel een sterke scheefgroei zien: vrouwen worden aanzienlijk vaker met deze vorm van misbruik in verband gebracht.
Wat maakt seksuele deepfakes schadelijk?
Bij seksuele deepfakes wordt iemands uiterlijk gebruikt om een verzonnen naaktbeeld of seksuele scène te maken. Een gezicht kan bijvoorbeeld in bestaand beeldmateriaal worden geplaatst. Ook kunnen gewone foto’s worden bewerkt tot beelden waarop iemand naakt lijkt. De afgebeelde persoon heeft daarvoor geen intieme foto hoeven maken of delen.
Dat de beelden nep zijn, maakt de gevolgen niet denkbeeldig. De rechtbank Amsterdam wees bij een
eerdere veroordeling op mogelijke ernstige en langdurige psychische gevolgen, waaronder schaamte, onmacht en onveiligheid. Een bijkomend probleem is dat materiaal na verspreiding vaak niet volledig van internet verdwijnt. Slachtoffers kunnen er daardoor steeds opnieuw mee worden geconfronteerd.
Voor de discussie over AI betekent dit dat alleen vaststellen of een beeld echt of nep is, niet voldoende is. De inbreuk zit ook in het zonder toestemming seksueel afbeelden van een herkenbaar persoon. Offlimits benadrukt dat ook gemanipuleerde beelden schadelijk kunnen zijn voor degene die erop lijkt te staan.
Europees verbod geldt vanaf 2 december 2026
Het zogenoemde uitkleedverbod maakt deel uit van de aangescherpte Europese AI-regels. Volgens de officiële tijdlijn van de Europese Commissie gaan de nieuwe verboden voor AI-systemen die seksuele deepfakes zonder toestemming of seksueel misbruikmateriaal van kinderen genereren op 2 december 2026 gelden. Het gaat dus niet om een algemeen verbod op AI-beeldbewerking, maar om specifieke schadelijke toepassingen.
Die ingangsdatum betekent niet dat het maken en verspreiden van seksuele deepfakes in
Nederland tot december is toegestaan. De rechtbank Amsterdam
veroordeelde op 2 november 2023 al een man voor het zonder toestemming maken en publiceren van een pornografische deepfake. Hij kreeg een voorwaardelijke taakstraf van 180 uur. Bestaande strafrechtelijke mogelijkheden en het nieuwe Europese verbod moeten daarom van elkaar worden onderscheiden.
Europese politici zetten dit
punt regelmatig op de agenda.
Niet alleen een persoonlijk probleem
Volgens de initiatiefnemers raakt het misbruik ook de positie van vrouwen in het publieke debat. “Vrouwen worden zo geïntimideerd, stilgemaakt”, zegt Kröger in de berichtgeving van het ANP. Zij benadrukt dat de inzet verder gaat dan de individuele ervaringen van Kamerleden: de gewenste hulp moet juist ook mensen bereiken die minder mogelijkheden hebben om aandacht voor hun situatie te vragen.
Slachtoffers kunnen nu al hulp krijgen
Wie te maken krijgt met seksuele deepfakes hoeft niet op nieuwe maatregelen te wachten. De hulplijn van Offlimits, het expertisecentrum voor online misbruik, biedt praktische ondersteuning. Contact opnemen kan gratis en anoniem via chat, e-mail of telefoon. De organisatie helpt onder meer bij vragen over ongewenste beelden en het laten verwijderen daarvan.
Bewaar waar mogelijk informatie over de plaatsing, zoals weblinks en bijbehorende berichten, en bespreek met de hulplijn of politie hoe bewijs kan worden vastgelegd. Deel de beelden niet verder. Hulp kan zowel gericht zijn op de verspreiding als op de gevolgen voor het slachtoffer; volledige verwijdering van alle kopieën is helaas niet altijd mogelijk.