Naar inhoud springen

Barend Last over AI in het onderwijs: ‘Een totaalverbod vind ik dom en kortzichtig’

Interviews
bijgewerkt om
barend last over ai
Scholen moeten leerlingen voorbereiden op een maatschappij waarin AI een rol speelt, vindt schrijver en leraar Barend Last. Zelf gebruikt hij de technologie voor lesvoorbereidingen, eigen apps en schrijfwerk.
Het besef dat AI zijn werk echt zou veranderen, kwam toen Last met vibe coding aan de slag ging: zelf apps bouwen door AI te beschrijven wat je wilt maken. Hij ontwikkelde toepassingen op basis van de methode die hij in de klas gebruikt.
“Dat doe ik nu bijna elke keer als ik lesgeef”, vertelt hij in een interview met AI Wereld. Ook voor onderzoek en feedback gebruikt hij AI. “Dat helpt me echt enorm, zeker ook als schrijver.”

Eerst bepalen welke AI je bedoelt

Een totaalverbod op AI in het onderwijs vindt Last “dom en kortzichtig”. Hij wil eerst weten welke toepassingen een school precies bedoelt. “Want wat is AI eigenlijk? Laten we dan eerst specificeren.”
Hij maakt onderscheid tussen algemeen beschikbare generatieve AI en generatieve AI die speciaal voor het onderwijs is ontwikkeld. Ook binnen die groepen bestaan volgens hem veel verschillende toepassingen. Een totaalverbod doet aan die verschillen in zijn ogen geen recht.
“Als onderwijs hebben we de taak om op te leiden voor de maatschappij. In die maatschappij zit AI, dus moet je leerlingen daarop voorbereiden.”
Voor scholen die hun aanpak van AI in het onderwijs willen veranderen, heeft hij drie adviezen. Zorg eerst voor een gedeelde taal, zodat duidelijk is waarover je praat. Bekijk vervolgens opnieuw je onderwijsdoelen en de afstemming daarop. En zorg voor een goede educatieve AI-tool.

Een voldoende zonder begrip

Wat als een student met AI een opdracht haalt, maar de stof niet begrijpt? Last zoekt de oorzaak dan in de inrichting van het onderwijs. “Dat is een onderwijskundig probleem.”
Volgens hem sluiten de leerdoelen, de leeractiviteiten en de toetsvorm dan niet goed op elkaar aan. Die afstemming heet constructive alignment: wat je wilt dat studenten leren, wat ze daarvoor doen en hoe je beoordeelt of ze het beheersen, moeten bij elkaar passen.
De vraag is dus ook of een toets werkelijk meet wat een docent wil meten. Last wil daarnaast de gevolgen van de toets en de context waarin die plaatsvindt zorgvuldig meewegen. Hij ziet de oplossing in het opnieuw doordenken van die onderdelen en het authentieker maken van het onderwijs.
Zijn enthousiasme over AI betekent ook niet dat hij al het denkwerk wil uitbesteden. “De kunst is om het juiste denkwerk zelf te doen en het minder complexe denkwerk uit te besteden.” Dat vraagt volgens hem om het vermogen je eigen leren te sturen: kunnen bepalen wanneer je zelf aan het werk moet en wanneer ondersteuning helpt.

LinkedIn-posts schrijft hij zelf

Bij schrijven met AI onderscheidt Last drie voorwaarden. “Om goed met AI te kunnen schrijven heb je volgens mij drie dingen nodig: kwaliteitsbesef, schrijfvaardigheid en AI-geletterdheid.”
Je moet dus kunnen beoordelen wat een goede tekst is, zelf kunnen schrijven en begrijpen hoe je met AI omgaat. In zijn eigen werk betekent dat ook dat hij bewust dingen zelf blijft doen. Zijn LinkedIn-posts schrijft hij bijvoorbeeld liever zelf.
“Feedback vragen en brainstormen kan dan nog steeds, maar zelf opschrijven is altijd een leuk leerprocesje. En het maakt de tekst persoonlijker.”
Tegelijk wordt hij enthousiast van AI die direct in zijn tekstverwerker zit. “Als schrijver vind ik dat fantastisch.”

Wanneer ben je nog schrijver?

Dat iemand AI gebruikt, betekent voor Last niet automatisch dat diegene zich geen schrijver meer kan noemen. Hij kijkt naar wat de maker wil vertellen en hoe die tot een tekst komt.
“Schrijven betekent voor mij ook een intentie hebben, een beleving willen delen, een verhaal hebben dat je kwijt moet.”
Een auteur die met een taalmodel aan zo’n verhaal werkt, blijft volgens hem zelf schrijven. “Kom je vervolgens in wisselwerking met een taalmodel tot een tekst, dan heb je in principe gewoon zelf een tekst geschreven.”
Hij trekt de grens bij iemand die alleen de opdracht geeft om een bestseller te schrijven en het resultaat ongezien publiceert. Die persoon zou hij geen schrijver noemen.
Hij doet daarbij een stellige uitspraak over zijn eigen werk: “Elke AI kan mijn schrijfwerk sneller en beter doen dan ik.” Dat ziet hij zelf niet als slecht nieuws. Het maken blijft voor hem waardevol, ongeacht hoe hij in zo’n vergelijking zou eindigen.
“Ik haal plezier uit het maken van mooie dingen. Of een ander dat fantastisch vindt, boeit me niet zo. Het gaat me om de kunst zelf.”

Wat doe je met de ruimte die vrijkomt?

Ook bij de belofte van tijdwinst legt Last de nadruk op kwaliteit. Dat sommige bedrijven AI aanprijzen als een manier om sneller te werken, betekent voor hem niet dat snelheid het doel moet zijn.
“Mij gaat het om kwaliteit; efficiëntie, effectiviteit en productiviteit zijn voor mij nooit het doel.”
Hoe voorkom je dan dat bespaarde tijd meteen weer volloopt met extra werk? Zijn antwoord: “Gewoon goed nadenken. Met oog voor je lijf, je hoofd, je hart en je ziel.”
Gevraagd waar we te weinig over praten als het om AI gaat, wijst hij op wat er ná het uitbesteden van denkwerk gebeurt.
“Wat me opvalt: het gaat heel vaak over de vraag of je met AI bepaalde denkstappen kunt overslaan. Zelden gaat het over wat je precies doet met de ruimte in je hoofd die je daarmee vrijspeelt.”
Het werk van Barend vind je onder andere op zijn website.
loading

Populair nieuws

Loading