AI groeit razendsnel en dat heeft een keerzijde. Achter slimme chatbots en geavanceerde algoritmes schuilt een snel stijgend energie- en waterverbruik.
Datacenters draaien op volle toeren, vaak nog op fossiele brandstoffen, en zetten klimaatdoelen onder druk. Ook in 2026 verwachten experts verdere groei van AI infrastructuur en daarmee druk op het klimaat.
De stille groei van AI-stroomverbruik
De impact van AI begint bij datacenters. Wereldwijd
gebruiken ze inmiddels ongeveer 1% van alle elektriciteit, en dat aandeel groeit snel. In sommige landen is de druk al voelbaar. In Ierland bijvoorbeeld gaat een fors deel van de nationale stroomproductie richting datacenters. Dat wringt, zeker nu elektriciteitsnetten vol beginnen te raken.
Techbedrijven beloven groene stroom, maar de realiteit is weerbarstig. Veel nieuwe AI-datacenters draaien voorlopig gewoon op gas of kolen, omdat duurzame alternatieven niet snel genoeg beschikbaar zijn. Dat zet klimaatdoelen onder druk.
Op zichzelf lijkt het energieverbruik van een AI-vraag verwaarloosbaar. Een enkele
ChatGPT query kost weinig stroom. Het probleem zit in de schaal. Honderden miljoenen gebruikers, steeds complexere modellen en nieuwe toepassingen zorgen samen voor een explosieve groei. Wat klein begint, wordt groot door herhaling.
Daar komt bij dat transparantie ontbreekt. Techbedrijven delen zelden volledige cijfers over hun echte energieverbruik, watergebruik en indirecte uitstoot. Zonder die data blijft het lastig om te beoordelen hoe groot de klimaatimpact werkelijk is.
AI als mogelijke oplossing
Toch is het verhaal niet zwart-wit. AI kan juist helpen in de strijd tegen klimaatverandering. Slimmere energienetwerken, efficiëntere batterijen, betere voorspellingen voor wind- en zonneparken en optimalisatie van datacenterkoeling kunnen enorme CO₂-besparingen opleveren. Op papier kan AI een krachtig hulpmiddel zijn om de energietransitie te versnellen.
Maar er schuilt een risico in die efficiëntie. Het zogeheten rebound-effect ligt op de loer. Als iets goedkoper en makkelijker wordt, gaan we het ook vaak meer gebruiken. Efficiëntere systemen kunnen leiden tot meer advertenties, meer dataverkeer, meer reizen en zelfs extra olie- en gaswinning.
Daarom groeit de roep om regulering. Denk aan tijdelijke stop op nieuwe datacenters, strengere milieuregels, belastingen op AI-gebruik en het meetellen van indirecte uitstoot in klimaat rapportages.
AI kan een belangrijk klimaat-instrument zijn. Maar zonder duidelijke regels en eerlijke cijfers dreigt het vooral een stille motor te worden achter extra vervuiling en consumptie. De technologie is slim. Nu de keuzes nog.