Groenland, het arctische eiland op het noordelijk halfrond, staat de laatste maanden steeds vaker in de schijnwerpers. Waar het lange tijd vooral werd gezien als een afgelegen en ijzig gebied, duikt het nu op in geopolitieke discussies en strategische plannen. De snelle opkomst van
AI speelt daarin een opvallend grote rol. Maar wat maakt Groenland ineens zo interessant?
Groenland als belangrijke grondstof bron in de tech strijd
De wereld zit midden in een
technologische wedloop.
AI, halfgeleiders en datacenters vragen om enorme hoeveelheden specifieke grondstoffen. Precies daar wringt het. Veel van die kritieke mineralen komen nu uit één hoek van de wereld, en dat begint te schuren. Zeker in Washington groeit het besef dat strategische autonomie niet alleen draait om software en chips, maar ook om wat er in de bodem zit.
Groenland
speelt daarin een bijzondere rol. Volgens de U.S. Geological Survey beschikt het eiland over de grootste bekende voorraden zeldzame aardmetalen ter wereld waar nog geen actieve mijnbouw plaatsvindt. Dat klinkt als een droomscenario, maar de realiteit is een stuk weerbarstiger.
China domineert momenteel niet alleen de winning, maar vooral de raffinage van zeldzame aardmetalen, gallium en germanium. Juist dat raffinageproces is strategisch cruciaal. Het betekent dat zelfs landen met eigen mijnen vaak alsnog afhankelijk blijven van
Chinese verwerking. Voor de VS is dat een kwetsbaar punt, zeker nu geopolitieke spanningen toenemen.
Veel potentie in Groenlad, maar geen makkelijke winning
Groenland lijkt op papier een aantrekkelijk alternatief. Het eiland telt meer dan 140 mijnlicenties en bezit naast zeldzame aardmetalen ook gallium en germanium, essentieel voor glasvezel, chips en datacenters. Toch zijn er slechts twee actieve mijnen. De reden is simpel: mijnbouw in Groenland is extreem duur en technisch complex.
Metaalconcentraties zijn vaak laag, het klimaat is zwaar, infrastructuur ontbreekt en milieuregels zijn streng. Wegen, havens, energievoorziening en arbeidskrachten moeten grotendeels nog worden aangelegd. Dat maakt projecten financieel onzeker, zelfs als de ondergrond veelbelovend is. Experts plaatsen daarom vraagtekens bij de haalbaarheid van grote projecten zoals Tanbreez, ondanks hun omvang.
Daar komt nog bij dat grondstoffenprijzen grillig zijn. In het verleden sloten mijnen met aanzienlijke reserves simpelweg omdat de marktprijs te laag werd. Dat risico blijft bestaan, ook nu de strategische waarde stijgt.
De VS probeert ondertussen de afhankelijkheid van China te verkleinen via strategische reserves en samenwerkingen met partijen als MP Materials. Groenland past in dat bredere plaatje, maar niet als snelle oplossing.